<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Aart van der Stel</title>
	<atom:link href="http://aartvanderstel.nl/wordpress/?feed=rss2" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://aartvanderstel.nl/wordpress</link>
	<description>Antroposofisch arts te Rotterdam en Vlaardingen</description>
	<lastBuildDate>Sat, 18 Feb 2012 15:36:26 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.1.3</generator>
		<item>
		<title>Vind ik leuk</title>
		<link>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=175</link>
		<comments>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=175#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 18 Feb 2012 15:36:26 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Aart</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=175</guid>
		<description><![CDATA[&#160; Degenen onder ons die regelmatig actief of passief  te maken hebben met Facebook kennen de term, die ik als titel voor dit stukje gekozen heb. &#8220;Vind ik leuk&#8221; is een toets die je kunt aanklikken onder dat wat de Facebook-vriend op zijn site geplaatst heeft. Dat kan een foto, een mededeling of de verwijzing [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>&nbsp;</p>
<p>Degenen onder ons die regelmatig actief of passief  te maken hebben met Facebook kennen de term, die ik als titel voor dit stukje gekozen heb. &#8220;Vind ik leuk&#8221; is een toets die je kunt aanklikken onder dat wat de Facebook-vriend op zijn site geplaatst heeft. Dat kan een foto, een mededeling of de verwijzing naar een interessante link zijn. Grappig genoeg ontbreekt er een toets als &#8220;Vind ik niks&#8221; of &#8220;Wat bedoel je hiermee&#8221;. Daarvoor met je in de virtuele pen klimmen en een mededeling onder de boodschap plaatsen. Dat kan gelukkig nog wél.<span id="more-175"></span></p>
<p>Het is voor de ontvanger uiteraard heel belonend en bevestigend als heel veel &#8220;vrienden&#8221; (want vriend zijn is meer een kwestie van ergens in het verre of nabije verleden, desnoods via-via iets met elkaar te maken gehad hebben dan elkaar regelmatig treffen vanuit een affectief verband!) iets leuk vinden. Het betekent in elk geval dat de mensen zien of lezen wat je bezighoudt. Want dat is wat er zich tussen vrienden moet afspelen: je aan elkaar laten zien en geïnteresseerd zijn in elkaars visie op alles wat voor jou belangrijk is. &#8220;Delen&#8221; is het ietwat kleffe woord dat hierbij past in onze relatie- en communicatietijdperk. Maar delen kost tijd, een lang telefoongesprek, een stevige wandeling of een intensief gesprek bij de openhaard. In delen met elkaar  investeer je.</p>
<p>Toen ik voor het eerst zag, die aanklik-mogelijkheid, vond ik het eigenlijk heel sympathiek overkomen. Zelfs in het affectief zijn via het internet werd door Facebook voorzien. Ik kan niet ontkennen dat ik regelmatig iets &#8220;leuk&#8221; gevonden heb  en dat in een handomdraai heb laten weten. Maar op den duur ging het me tegenstaan, overigens niet precies wetend waarom. Ik doe het ook niet meer; liever schrijf ik er een regeltje onder. Dat kost bijna net zo weinig tijd en is tevens meer dan een soort paraaf.</p>
<p>Die weerzin, zij het dat dit een beetje te sterk woord hiervoor lijkt, is wel interessant. Waarom kun je niet gewoon iets leuk vinden en dat even laten weten. Volgens mij heeft het er mee te maken dat &#8220;leuk&#8221; gewoon te algemeen is, dat het een gevoel weergeeft, net als verdriet of ergernis, maar er niet bij vertelt waaróm je iets leuk vindt. Wat is de achtergrond van &#8220;leuk&#8221;, wat zijn je associaties, herinneringen, eigen ervaringen. En dat is precies wat ons van de dieren onderscheidt: dat wij niet alleen gevoelens en emoties hebben, maar daar ook nog een individuele betekenis aan willen geven. En daar willen we over communiceren, van mens tot mens. Dát is pas leuk!</p>
<p>Leuk is gewoon te algemeen. Dat is enerzijds wel prettig, omdat ik zo niet hoef uit te leggen wat leuk is, want dat snapt iedereen. Maar het gaat er bij vrienden om, en laat ik Facebook nu het voordeel van de twijfel geven en aannemen dat het even algemene woord &#8220;vrienden&#8221; bij hen hetzelfde betekent als bij mij, dat er in de onderlinge relatie zich iets mysterieus af speelt dat te maken heeft met verdieping, zingeving, interesse en aan elkaar groeien. &#8220;Twee weten meer dan één&#8221;, zegt het spreekwoord, maar daarmee doen vrienden zichzelf tekort. In vriendschap geldt dat één en één minstens drie wordt: in het contact gebeurt iets bijzonders, noem het modern een chemisch proces, waardoor er voor beide gesprekspartners iets nieuws ontstaat. Je kunt het vergelijken met een zwangerschap, waarbij wel heel fysiek uit het contact tussen twee vrienden, zij het in dit geval meer soulmates dan goede kennissen, iets nieuws ontstaat, en wel een heel nieuw mens. Zover komt het niet in een normaal vriendencontact, maar toch lijkt het er op. Je kunt je verbazen over de betekenis die een vriendencontact kan hebben voor je hele verdere leven. Misschien realiseert iemand zich dat niet, maar een goed gesprek tussen vrienden kan zijn sporen nalaten door het hele verdere bestaan. En dat wordt niet gedekt door iets simpelweg &#8220;leuk&#8221; te vinden!</p>
<p>Iets even routinematig aanklikken onder een levensteken leidt tot vervlakking van de aandacht voor die persoon. Zeker als je elke dag even al je vrienden afloopt op het wereldwijde web, is het eenvoudigweg te veel om iedereen de aandacht te geven die hij als vriend verdient. Je kunt dan maar beter selecteren waar je op reageert en de rest voor kennisgeving aannemen. En trouwens: niet elke mededeling is van het gehalte waar je van rechtop in je stoel gaat zitten, maar dat is wéér wat anders!</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?feed=rss2&#038;p=175</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Een pony in de wei is ook natuur</title>
		<link>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=169</link>
		<comments>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=169#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 07 Nov 2011 19:31:15 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Aart</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=169</guid>
		<description><![CDATA[&#160; De natuur beleeft barre tijden. Niet alleen eisen de toenemende bevolking, de daarvoor benodigde bebouwing en industrialisatie zijn tol wat betreft het beslag van ruimte voor natuur en vervuiling door de uitstoot van koolzuur en andere verontreinigende stoffen, maar ook politiek zit het niet mee. Je zou verwachten dat diegenen die het openbaar bestuur [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>&nbsp;</p>
<p>De natuur beleeft barre tijden. Niet alleen eisen de toenemende bevolking, de daarvoor benodigde bebouwing en industrialisatie zijn tol wat betreft het beslag van ruimte voor natuur en vervuiling door de uitstoot van koolzuur en andere verontreinigende stoffen, maar ook politiek zit het niet mee. Je zou verwachten dat diegenen die het openbaar bestuur vormen proberen om de leefomstandigheden van de burgers zo optimaal mogelijk te maken en te houden. Dat de bevolking van Nederland toeneemt en daarmee de behoefte aan woningen, werkgelegenheid en recreatieve mogelijkheden is een gegeven en moet een uitgangspunt voor beleid  zijn.</p>
<p><span id="more-169"></span> Uiteraard moet een bestuurder dat voor ogen houden en zijn plannen daarop afstemmen. Het is daarbij al een oud gegeven dat welvaart en welzijn hand in hand moeten gaan: het heeft alleen maar zin om de materiële welstand van mensen te verbeteren als ze daar ook van kunnen genieten. Niet voor niets is het woord <em>duurzaamheid </em>niet meer weg te denken uit de manier waarop grote bedrijven zichzelf en hun producten bijvoorbeeld in de reclame promoten. De ideeën die bestaan over het overleven en vitaal blijven van onze economie of, om het heel breed te trekken, het overleven van onze samenleving, worden breed gedragen.</p>
<p>Niet alleen bezorgde natuurliefhebbers maken dus zich zorgen over de natuur die nog ons rest en over het afnemen van de biodiversiteit. Uit gerenommeerde instituten als de Universiteit Wageningen komen berichten dat het langzamerhand wel als bewezen mag worden verondersteld dat onze overlevingskansen als samenleving o.a. zijn gegrondvest op een vitale, veelzijdig ontwikkelde natuur. Om het Bijbels te zeggen: &#8220;Een mens leeft niet bij gras alleen&#8221;. Het probleem daarbij is alleen dat een verschijnsel als het afnemen van de biodiversiteit niet direct zichtbaar is en dat de natuur om ons heen een enorm vermogen tot herstel heeft. Maar dat vermogen is niet oneindig. Het duurt dus lang voordat je merkt dat het achteruitgaat met onze natuurlijke omgeving, maar het gebeurt wel.</p>
<p>Omdat het &#8220;verkalen&#8221; van de planten- en dierenwereld relatief langzaam gaat- maar daarover zijn de verhalen ook verschillend- is het noodzakelijk dat beleid t.a.v. het vitaal houden van onze leefwereld, over een lange adem beschikt. Het is eigenlijk pas nu in onze dagen duidelijk hoe belangrijk het was dat Jac. P. Thijsse, die van de Verkadealbums, n.a.v. de dreigende omvorming van het Naardermeer tot vuilnisbelt, aan de bel trok en de Vereniging tot behoud van Natuurmonumenten opgericht heeft. Omdat hij een eeuw geleden het maatschappelijk belang van de natuur inzag en niet alleen de natuur wegzette als een soort speeltuin voor wereldvreemde mensen met een botaniseertrommel, kunnen wij nu zonder gêne een onderwerp als duurzaamheid bovenaan de politieke en maatschappelijke agenda zetten.  Het vraagt, kort gezegd, van beleidsmakers en bestuurders een lange adem om het belang van natuurbehoud en stimulering van maatregelen ter verbetering van de nog bestaande natuur in en zien en te ondersteunen. Maar dan moet dat inzicht er wel zijn.</p>
<p>Het is in dat licht verbijsterend om geconfronteerd te worden met uitspraken van de staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, met nota bene natuurbeheer in zijn pakket als &#8220;een koe in de wei is ook natuur&#8221; en &#8220;natuur is iets waar je voor geleerd moet hebben&#8221;. Uiteraard is het zo dat het voor een politicus van belang is dat hij contact houdt met zijn electorale achterban, de boeren in dit geval, en recht doet aan de actuele problemen, maar enige visie op de langere termijn, met voorbijgaan aan het eigenbelang, kan toch ook geen kwaad. En het kan ook geen kwaad als die visie zich vertaalt in maatregelen om bijvoorbeeld iets bij te dragen aan het behoud van natuur, zonder dat de relevantie daarvan direct zichtbaar is en door de samenleving als zodanig beleefd kan worden.</p>
<p>Het is moeilijk voorstelbaar dat een intelligent mens als Bleker zelf gelooft wat hij zegt. Je hoeft er echt geen bioloog voor te zijn om te weten en met je eigen ogen te zien dat er weinig diversiteit in een weiland te beleven valt en dat er wel verschillen te ontdekken zijn tussen duizenden dezelfde koeien en alle verschillende dieren die (nog) in het wild voorkomen. Het lijkt er veel meer op dat er willens en wetens ingegaan wordt tegen de groene <em>common sense</em> die duurzaamheid propageert, andere vormen van energie onderzoekt, vleesproductie gezonder probeert te maken etc. En het is inderdaad de wetenschap, waar je dus inderdaad voor geleerd moet hebben, die ons de data verschaft op grond waarvan we tot beeldvorming komen, bijvoorbeeld t.a.v. de ontwikkeling van onze biologische leefomgeving. Er lijkt geen bezwaar te zijn tegen het verwerven van kennis. Het gevoel dringt zich op dat hier een mens aan het woord is, die zich op een even onverklaarbare als rancuneuze manier richt tegen diegenen die zich druk maken over het niet gecultiveerde deel van de planten en dieren in ons land.</p>
<p>Nu mag iedereen denken wat hij wil en dat ventileren waar hij wil. Henk Bleker mag, terwijl hij zijn sombere gedachten de vrije loop latend, over het hek bij zijn hobbyboerderij geleund, naar zijn pony&#8217;s kijkt, tot net zoveel melancholische overpeinzingen komen als hij wil, maar niet als staatssecretaris, niet als een persoon met een functie die vraagt om het overstijgen van het eigenbelang, al dan niet in groepsverband. Het is schadelijk voor onze samenleving, voor onze volksgezondheid en voor het zekerstellen van de levenskansen van komende generaties als bijvoorbeeld de ecologische hoofdstructuur niet wordt voltooid, er geen duidelijke standpunten ingenomen worden t.a.v. de bio-industrie of er initiatieven genomen worden ten aanzien van het produceren van schone energie. Het rentmeesterschap, een vanouds her bekend dogma in de christelijke politiek, wordt door Bleker en gelijkgestemden, wel erg tot het eigen erf beperkt.</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?feed=rss2&#038;p=169</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>bewegen</title>
		<link>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=165</link>
		<comments>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=165#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 18 Oct 2011 18:36:20 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Aart</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=165</guid>
		<description><![CDATA[&#160; &#160; Er wordt heel veel bewogen, gelopen, geklapt en gestampt in het onderwijs van de Vrije School. Dat heeft niets te maken met folklore, maar raakt aan de grondslagen van de pedagogie van de Vrije School. Door het kind aan te spreken op zijn vermogen om te bewegen en zich zo met de hem [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>Er wordt heel veel bewogen, gelopen, geklapt en gestampt in het onderwijs van de Vrije School. Dat heeft niets te maken met folklore, maar raakt aan de grondslagen van de pedagogie van de Vrije School. Door het kind aan te spreken op zijn vermogen om te bewegen en zich zo met de hem omringende wereld te verbinden wordt het van een spelend, zijn fantasie gebruikend kind tot een creatieve volwassene, die zijn mogelijkheden ten volle kan benutten.</p>
<p>Het is interessant om je te bedenken dat het in de menselijke ontwikkeling er niet zozeer om gaat dat een mens leert bewegen, maar veel meer dat hij zijn bewegingsdrang leert beheersen. het laat zich illustreren aan het begrip &#8220;vorm&#8221; zoals dat in de wielrennerij circuleert.<span id="more-165"></span></p>
<p>Jan Siebelink publiceerde in 1992 een boek getiteld &#8220;Pijn is genot&#8221;. Daarin portretteert hij een hele reeks (oud)wielrenners, stuk voor stuk grootheden in hun tijd en nog ver daarna. Op zich is het al interessant en vermakelijk om al die verhalen te lezen en te zien hoe verschillend ieders leven na het staken van het topsporten gegaan is. Wat mij het meest intrigeerde was een thema, dat in bijna alle verhalen een grote rol speelt, n.l. vorm.</p>
<p>Voor een sporter is het van levensbelang om &#8220;in vorm&#8221; te zijn, en zeker voor wielrenners. Zonder vorm, of anders benoemd: goede benen, kom je geen meter ver. Nu is dat niet zo heel bijzonder, want je kunt je voorstellen dat er pas onder speciale condities gewonnen kan worden. Interessant wordt het pas als je leest wat iedere individuele wielrenner doet voor het verkrijgen of het behouden van zijn vorm, en daar zijn grote verschillen in. Voor de één is het belangrijk om veel te slapen (Joop Zoetemelk: de Tour wordt in bed gewonnen&#8230;), voor de ander is een uitgebalanceerd dieet van levensbelang, de derde moet het hebben van veel kilometers maken enzovoort. Eigenlijk weet je aan het eind van het boek, dat &#8220;vorm&#8221; een centraal thema is in het sportersleven, maar dat iedereen er iets anders voor moet doen of laten om het te verkrijgen en behouden. Maar wat is het dan?</p>
<p>Als één ding duidelijk is, dan is het wel dat in vorm zijn een uiterst vergankelijke aangelegenheid is. Zo heb je het en zo is het weer weg. De ene dag ga je als een speer over de weg en de andere ben je een dweil, een man zonder goede benen. Het is niet iets dat je opbouwt en daarna voorgoed hebt, maar het komt en het gaat. Het is een toestand waarin een mens zich bevindt, net zoiets als gezondheid. Je bent in evenwicht, voelt je in balans. Gezondheid is ook geen bezit, maar de uiting van het vermogen om het leven aan te kunnen, te kunnen omgaan met de problemen die het gewone leven nu eenmaal met zich meebrengt. Meestal lukt dat en ervaar je dat als gezondheid, maar als het allemaal teveel wordt, kan zich dat uiten in een ziekte, die, na al dan niet veel gedoe, leidt tot een nieuwe, hopelijk betere, toestand van gezondheid.</p>
<p>Zou dat zo zijn:dat wat de sporter vorm noemt is een benaming voor gezondheid? Maar waarom het dan &#8220;vorm&#8221;? Het is goed om je hierbij te realiseren hoe ons menselijk bestaan, inclusief ons lichaam tot stand komt en functioneert. Enerzijds hebben we daarbij te maken met onze lichamelijke processen, onze fysiologie. Belangrijke processen daarin als ademhaling, stofwisseling, groei en voortplanting hebben we gemeen met alle levende wezens op aarde. Dat geldt net zo goed voor dat wat in ons lichaam mineraal is, zoals ijzer, kalk of kiezel, die je buiten het lichaam ook vindt. Je zou kunnen zeggen dat ons lichaam, voor zover het daarbij gaat om onbewuste processen, heel algemeen is. Afgezien van specifieke kenmerken hebben alle mensen op aarde ongeveer hetzelfde lichaam, één hoofd, twee armen en benen, een lever, nieren enzovoorts. We kunnen dus een algemene kant aan onszelf onderscheiden.</p>
<p>Er is ook een deel aan ons dat heel individueel is en beslist uniek voor onze persoonlijkheid. Dat is de kant van ons denken, onze idealen, onze hebbelijkheden en de manier waarop zich ons leven ontwikkelt. Dat is de kant waar we  ik&#8221; tegen zeggen, iets wat een ander mens niet kan zeggen als hij ons bedoelt. In ons ikgevoel zijn wij helemaal alleen op aarde en laten we dat zien door het leven een heel eigen vorm te geven. Tegenover de vorm die het algemene lichaam meekrijgt vanuit de erfelijkheid staat ons vermogen om die algemene vorm a.h.w. om te buigen tot iets specifieks, iets dat helemaal van onszelf is, of het nu gaat over de gestalte, de stem, de gelaatstrekken of de levensloop. En als je dat lukt, als je je eigen vorm weet te vinden en vast te houden, dan ben je &#8220;in vorm&#8221;! Je bent dan helemaal zoals je zijn wilt, vol bewust van je vermogens en capaciteiten, the master of the universe en in staat om iedereen er uit te fietsen. Het is dus niet zo gek dat het er dan ook voor iedereen weer anders uitziet om daartoe te komen, dat er geen algemeen recept is voor een vormcrisis, dat de een veel slaapt om goed te kunnen fietsen en de ander de Tour nooit zal winnen zonder de dag te beginnen met meditatie.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?feed=rss2&#038;p=165</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title></title>
		<link>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=161</link>
		<comments>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=161#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 01 Sep 2011 12:48:13 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Aart</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=161</guid>
		<description><![CDATA[Een herfstig gevoel &#160; Dit jaar hebben we maar weinig zomer gehad. Daardoor hebben we ons bijna té goed kunnen voorbereiden op de herfst! Dat is eigenlijk best jammer, omdat het zo niet goed mogelijk is om echt te ervaren wat de herfst aan ons doet, behalve dan dat het kouder wordt en de parasol [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Een herfstig gevoel</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>Dit jaar hebben we maar weinig zomer gehad. Daardoor hebben we ons bijna té goed kunnen voorbereiden op de herfst! Dat is eigenlijk best jammer, omdat het zo niet goed mogelijk is om echt te ervaren wat de herfst aan ons doet, behalve dan dat het kouder wordt en de parasol weer in de schuur kan worden opgeborgen. Uiteraard zijn we als mens niet helemaal afhankelijk van de seizoenen, maar je kunt wel merken dat wat zich buiten in de natuur afspeelt, zich in onszelf spiegelt; net zo als er in de natuur om ons heen een cyclisch verloop is van jaargetijden, inclusief de activiteiten die daar bij horen, zo is er ook in ons innerlijk leven een kringloop. Zo is het in onszelf regelmatig herfst<span id="more-161"></span></p>
<p>Wanneer je naar een plant kijkt, dan zie je dat die zich elk jaar op dezelfde manier ontwikkelt. Eerst is de plant nog verborgen onder de grond en kun je alleen een wortelstok of een knol vinden. Soms zelfs dat niet eens. Dan is er alleen een zaadje van het vorige jaar overgebleven. Dat zaadje komt op en uit wortelstokken  ontstaan groene uitlopers. Na de groei van stengels en bladeren ontstaan de bloemen in het vroege of late voorjaar of in de zomer. Uiteindelijk vormt de plant zijn vruchten en zaden, die in de herfst overblijven als de plant zelf al op zijn retour is, verwelkt en afsterft. Dat zaadje, al dan niet verborgen in de vrucht, is dan weer het begin van de plant in het volgende seizoen.</p>
<p>Bij een mens gaat dat net zo, alleen een beetje anders. Ook wij ontwikkelen ons uit een kiem, groeien op, doen interessante dingen in ons leven en “verwelken”,  sterven en worden weer onzichtbaar. Dat geldt voor een heel leven, maar ook op een kleinere schaal kun je dat zien. Neem bijvoorbeeld de manier waarop je door het jaar heen functioneert. In het voorjaar  ga je er met nieuwe energie tegenaan. Uit de ingekeerdheid van de winter, het helemaal binnen in jezelf teruggetrokken zijn, bloei je op en opent je ziel zich voor de wereld. De in de winter ontstane voornemens worden zichtbaar en krijgen uiterlijk meer of minder gestalte. Je werkt eraan. Het zomert in de ziel als je merkt dat iets lukt en zo tevoorschijn komt als je het je gedacht had. Uiteindelijk bereik je met je harde werken  een eindpunt, een bekroning, als de vrucht van je werken. Net als van een appel of een peer kun je daarvan genieten, wat zich kenbaar maakt als een soort tevredenheid: het is me gelukt en na gedane arbeid is het goed rusten. Vroeger was het dan de tijd van de oogstfeesten. Maar bij het genieten van de vruchten van je arbeid blijft het niet!</p>
<p>In de vrucht zit het zaad verborgen. Dat komt vaak pas tevoorschijn als de vrucht vergaan is of, in geval van de appel in onze hand, is opgegeten. Bij de plant is het zaad, dat ook nog moet uitrijpen, een soort garantie voor de plant dat hij er volgend jaar ook weer is. Het is echter de vraag of dat voor een mens net zo geldt.</p>
<p>Het leven zou ontzettend saai worden wanneer er nooit iets zou veranderen. Als  jaar in jaar alles hetzelfde blijft en er geen nieuwe uitdagingen ontstaan, dan houdt een mens eigenlijk innerlijk op te bestaan. Vanuit de uiterlijke groei van het jonge kind, moet er innerlijke groei ontwikkeld worden. Het leven moet doorgaan, intensiever en interessanter worden. Vanuit het oude bekende, in de natuur zichtbaar als de (afstervende) plant, moet iets nieuws komen, niet meer van hetzelfde, maar een echt nieuwe impuls. Die mag best voortkomen en aansluiten op dat wat geweest is, maar moet toch ook een nieuwe wending bevatten.</p>
<p>Dat is ook zaad! In het geval van een mens zaad, dat niet alleen het uiterlijke voortbestaan garandeert, maar ook het innerlijke. In de herfst bezinnen we ons zo op wat geweest is en komen we tot een afronding. Maar daaronder, en vaak nog niet zichtbaar en benoembaar ligt al iets dat ons uitdaagt om het leven weer eens een creatieve draai te geven. Het is grappig om te merken dat veel mensen ervaren dat er iets zit te dringen, maar dat nog niet bewust gekend kan worden. Daar kun je een kribbig ongemakkelijk gevoel aan ontlenen. De herfst is dan ook de tijd voor confrontaties! Je kunt dan denken dat de oorzaak voor die confrontaties bij de ander ligt, maar het is veel waarschijnlijker dat het te maken heeft met het voorvoelen dat er iets moet gebeuren in je leven, zonder dat je al precies weet wat! De zaadvorming, de nieuwe impuls, is er al, maar de kiemkracht, het gebaar waarmee je er aan de slag gaat, nog niet. Daarvoor moet het eerst winter worden, de tijd waarin het zaad tot rijping komt, in de natuur diep onder de grond en in het mensenleven diep weg in je warme huis. Tot dat moment zit je met je herfstige gevoelens!</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?feed=rss2&#038;p=161</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Agenda</title>
		<link>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=93</link>
		<comments>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=93#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 26 Aug 2011 11:00:12 +0000</pubDate>
		<dc:creator>admin</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=93</guid>
		<description><![CDATA[&#160; &#160; &#160; &#160;]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?feed=rss2&#038;p=93</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Wat zit er in je portemonnee?</title>
		<link>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=135</link>
		<comments>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=135#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 22 May 2011 13:26:55 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Aart</dc:creator>
				<category><![CDATA[Artikelen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=135</guid>
		<description><![CDATA[Hoe kun je iemand goed leren kennen? Soms wil je graag precies weten wie iemand is, wat voor hem of haar belangrijk is, waar hij zich zoal mee bezighoudt of wat zijn sterke of minder sterke kanten zijn. Als fysiotherapeut of dokter heb je daarbij weer heel andere vragen en interesses dan wanneer je de [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright" title="Portemonnee" src="http://farm4.static.flickr.com/3238/3036481076_a57eb375a4_m.jpg" alt="" width="240" height="161" /><br />
Hoe kun je iemand goed leren kennen? Soms wil je graag precies weten wie iemand is, wat voor hem of haar belangrijk is, waar hij zich zoal mee bezighoudt of wat zijn sterke of minder sterke kanten zijn. Als fysiotherapeut of dokter heb je daarbij weer heel andere vragen en interesses dan wanneer je de partner bent van die voor jou interessante mens of hem voor het eerst ontmoet, bij de Hema of in de tram. Hoe doe je dat dan: echt weten wie iemand is.<span id="more-135"></span></p>
<p>Je zou hem bijvoorbeeld  allerlei vragen kunnen stellen, net zolang tot je alles weet. Uit al die antwoorden komt dan uiteindelijk iets naar voren wat je iemands &#8220;persoonlijkheid&#8221; zou kunnen noemen. Dat is de &#8220;verstand-manier&#8221;: vragen, onderzoeken en alles bij elkaar optellen. Het is een goede manier, maar wel een beetje een saaie. En het is nog maar de vraag of je iemand echt gaat zien in de persoon die hij is. Feiten zeggen veel, maar niet alles. Een beetje fantasie kan geen kwaad, maar daarvoor  moet je uit een ander vaatje tappen. Ik doe een voorstel: laat me eens in je portemonnee kijken!</p>
<p>Ik ga er daarbij van uit dat iedereen op zijn eigen unieke manier omgaat met zoiets belangrijks als een portemonnee en dat je misschien wel veel meer te zien krijgt van iemand als je zijn portemonnee van binnen mag bekijken. En ik wil niet flauw doen, dus kijk ik eerst eens in mijn eigen portemonnee, en zal ik eerlijk vertellen wat daar allemaal in te vinden is.</p>
<p>Het is een heel gewone, bijna saaie, zwartleren herenportemonnee, met vakjes voor het papiergeld en voor munten. Als ik hem opendoe zie is een bijna weggesleten sticker van een park in Frankrijk, Bibracte geheten, waar allerlei oudheden opgegraven zijn uit de tijd van de Germanen en de Romeinen.  Ik hou van Frankrijk, van natuur en van oude opgravingen. In mijn volgende leven word ik archeoloog.</p>
<p>Dan kom ik vanzelf bij de munten, euro&#8217;s en alle afgeleiden daarvan. Het zijn er meestal niet zo veel, en om de een of andere reden geef ik niet veel geld uit of doe ik allerlei dingen die weinig geld kosten. Boodschappen doe ik, ongeëmancipeerd als ik ben,  weinig en behalve een boek koop ik niet zo veel voor mezelf. In een apart vakje zitten een paar buitenlandse munten. Ik heb de gewoonte om van elk land waar ik geweest ben en waar ik het naar mijn zin heb gehad, een klein muntje te bewaren als aandenken. Er is een shekel uit Israel, een krone uit IJsland, een Zwitserse Frank en een paar kleine muntjes uit Georgië en Engeland, de laatste als herinnering aan een bezoek aan Camphill in Schotland. Bij elk muntje hoort een verhaal en meestal een leuk verhaal. Reizen is niks voor mij, maar als het reisdoel bereikt is en het er leuk is, dan maakt dat veel goed. Die muntjes kun je zien als een zucht van verlichting: &#8220;Het was fijn, maar ik ben blij dat ik weer thuis ben!&#8221;</p>
<p>In een apart vakje stop ik 1 euro munten met een afbeelding van Leonardo da Vinci erop, die van die man, die met wijd uitgespreide armen in een cirkel staat. Soms vertel ik tijdens een cursus over die tekening en dan is het leuk om die munt te laten zien. Er is ook bijna altijd een 20 eurocent muntje uit Italië te vinden, met een afbeelding van een gedeelte van de Primavera, een schilderij van Botticelli. Dat is gewoon voor de aardigheid, omdat ik dat zo&#8217;n prachtig schilderij vind. Tussen de munten zitten vaak verfomfaaide zegeltjes van het een of ander. Die zou je moeten opplakken, maar daar kom ik dan weer niet toe. Pak ze dan niet aan, zou je zeggen. Maar mijn zuinigheid verleidt me steeds weer om ze aan te nemen, terwijl ik nooit om een kaart vraag om ze op te plakken, misschien een beetje uit schaamte om mijn inhaligheid. Dat noemen ze op twee gedachten hinken.</p>
<p>Wat ik ook altijd bij me heb in mijn portemonnee is een klein vergrootglas. Dat is heel handig, want ik interesseer me voor oude voorwerpen en als ik wil zien of iets echt van zilver is, dan zoek ik met dat loepje naar een zilvermerkje. Mij maken ze op de markt niets wijs! Verder is het ook handig als je een splinter uit iemands vinger moet halen. Iedereen lijkt altijd te denken dat ik het als dokter leuk vind om splinters uit vingers te halen. Ik laat dat maar zo, maar omdat ik de jongste niet meer ben is zo&#8217;n vergrootglas een uitkomst!</p>
<p>Ik heb ook altijd een klein ijzeren zaagje bij me om glazen ampullen open te zagen. Dat is nog een herinnering uit de tijd dat ik huisarts was en ik af en toe iemand iets moest inspuiten. Ik doe dat nooit meer eigenlijk, maar ik kan er nog niet echt afstand van doen.</p>
<p>Tenslotte is er het vak voor het papiergeld. Daar zit ook niet veel in, tenminste geen geld. Wel moet ik daar regelmatig bonnetjes uithalen van benzinepompen, restaurants of de boekhandel. Niemand kan me vertellen wat ik er mee moet, maar ik stop ze er altijd weer in, gedachteloos, uit gewoonte. Het is wel aardig om ze af en toe eens door te kijken (en daarna snel weg te gooien) want ze geven wel een beeld van je activiteiten, waar je geweest bent of wat je hebt aangeschaft. Het is een klein archief eigenlijk.</p>
<p>Uit dat wat ik hier heb opgeschreven kun je een indruk krijgen over mijn leven of de persoon die ik ben, niet alleen door de feiten, maar ook door wat voor indruk die feiten op je maken. Probeer het maar! Je kunt er iets aan beleven en de feiten voor zich laten spreken. Dat heet met een mooi woord &#8220;fenomenologie&#8221;, de kunst om verschijnselen, fenomenen zelf aan het woord te laten. Het kan je dan gebeuren dat je een heel andere  kijk krijgt op dat wat je iemands wezen zou kunnen noemen. Wil je dus echt weten wie iemand is, dan moet je hem vragen om eens even zijn portemonnee open te doen!</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?feed=rss2&#038;p=135</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Reïncarnatie, terug van weggeweest.</title>
		<link>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=130</link>
		<comments>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=130#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 22 May 2011 13:21:27 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Aart</dc:creator>
				<category><![CDATA[Artikelen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=130</guid>
		<description><![CDATA[Het hoge woord moet er nu maar eens uit: reïncarnatie! Iedereen die een beetje thuis is in de antroposofie weet dat dit een belangrijk thema is, wanneer je geïnteresseerd bent in de manier waarop een mens zich ontwikkelt. Kort gezegd betekent het begrip reïncarnatie dat een mens niet eenmaal op aarde rondloopt en zich aan [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Het hoge woord moet er nu maar eens uit: reïncarnatie! Iedereen die een beetje thuis is in de antroposofie weet dat dit een belangrijk thema is, wanneer je geïnteresseerd bent in de manier waarop een mens zich ontwikkelt. Kort gezegd betekent het begrip reïncarnatie dat een mens niet eenmaal op aarde rondloopt en zich aan alle dingen die hij meemaakt ontwikkelt, maar dat dit zich herhaalt door vele aardelevens heen. Is dit een gek idee? Op het eerste gezicht kan de gedachte aan terugkeer in een volgend leven inderdaad vreemd aandoen. Je kunt het niet bewijzen dat je eerder op aarde geweest bent en dat je na een bestaan na de dood weer in een volgend aardebestaan terugkomt. Hoogstens kun je aannemelijk maken dat leven en vooral ontwikkeling niet kunnen <em>zonder </em>reïncarnatie.<span id="more-130"></span></p>
<p>Neem het verschijnsel slaap. Niet voor niets wordt dit &#8220;de kleine dood&#8221; genoemd, want je bent even niet op aarde. Je lichaam is er nog wel, maar dat ligt bewusteloos in bed. Jij als persoon bent er niet, en over de plaats waar je wel bent kun je alleen maar speculeren. Maar we worden ook weer wakker! Het is dus kennelijk mogelijk om even niet op aarde te zijn en daarna weer terug te komen. Bovendien slapen we niet voor niets. Hoe vaak komt het niet voor dat je de vorige avond bent ingeslapen met een probleem in gedachten, dat je erg bezighoudt, maar waar je geen oplossing voor weet te bedenken, en dat je de volgende dag als vanzelf de oplossing weet. We zeggen dan dat we er &#8220;een nachtje over geslapen&#8221; hebben. We komen een stapje verder door iets als het ware onder ons hoofdkussen te stoppen en de nacht zijn werk te laten doen. Niemand kan daarom zonder slaap en dat heeft niet alleen met lichamelijk uitrusten te maken. Onze psychische en lichamelijke groei heeft het nodig om heel regelmatig even weg te zijn uit het aardse bestaan en daarna weer terug te komen. We komen beter terug dan we zijn weggegaan.</p>
<p>Eenzelfde proces zie je ook in de natuur. Heel veel planten sterven af in het najaar en komen de winter door als wortelstok of knol onder de grond. Ze leven dan wel verder en zijn niet echt dood, maar dat weet je pas de volgende lente als de planten weer boven de grond uitkomen. Blad en bloemen ontwikkelen zich weer en tonen zich in volle glorie, vaak voller en groter dan het voorafgaande jaar. Ook planten verdwijnen en komen weer terug. Zeker bij planten kun je spreken van een &#8220;eeuwige wederkeer&#8221;. En voor het voortbestaan van de plant, zeker als plantensoort,  is het noodzakelijk dat opbloeien en afsterven elkaar afwisselen, net zoals wij als mens de afwisseling van slapen en waken nodig hebben om ons als mens te kunnen blijven ontwikkelen.</p>
<p>Laten we nu eens aannemen dat een mensenleven als geheel te vergelijken is met dat moeilijke probleem waar je voor het naar bed gaan niet over uitgepiekerd raakt. Elk leven heeft immers zoiets als een thema, een rode draad, iets dat zich laat zien in alles wat je doet en in alle ontmoetingen die je hebt. &#8220;Echt iets voor mij&#8221; zeg je dan, en dan laat je zien dat je beseft dat er iets speciaals met jouw leven aan de hand is, en dat je steeds, zij het in een eindeloze variatie, met hetzelfde bezig bent. Je bent je hele leven bezig om je aan allerlei weerstanden te ontwikkelen en op een hoger plan te komen. Dat doe je door steeds maar met dat thema bezig te zijn, ook al ben je dat niet zo bewust. Eigenlijk <em>ben </em>je het thema! Lichamelijk, psychisch en in het sociale bestaan <em>leef</em> je dat thema. En net zoals je, na een dag hard werken,  het moede hoofd neerlegt en hoopt dat je de volgende morgen daar de vruchten van plukt, zodat je weer verder kunt, zo leg je aan het eind van je leven voor de laatste keer het hoofd neer om in een volgend aards leven wakker te worden om met frisse moed en nieuwe ideeën een nieuw thema aan te pakken. Daarvoor moet je wel weer in een nieuw lichaam binnen gaan. Reïncarnatie betekent dan ook letterlijk, &#8220;weer in het vlees (=lichaam) gaan&#8221;.</p>
<p>Op die manier denken over reïncarnatie heeft iets bemoedigends en troostrijks, want het betekent dat al je inspanningen, moeite, teleurstellingen en wat ons allemaal in de weg staat om &#8220;zomaar&#8221; gelukkig te zijn, niet voor niets zijn en dat je er misschien niet nu, maar in elk geval in een volgend leven, de  vruchten van plukken kunt, terug van weggeweest.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?feed=rss2&#038;p=130</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Nieuw artikel: Het voedingsbad</title>
		<link>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=106</link>
		<comments>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=106#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 23 Feb 2010 17:40:38 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Aart</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=106</guid>
		<description><![CDATA[Het is altijd prettig om iets te kunnen doen voor een ander. Daar hoef je niet eens hulpverlener voor te zijn. Wanneer iemand zich, zoals nu aan het einde van de winter,  al een tijdje niet zo lekker voelt of niet goed kan opknappen van een griep of andere ziekte, kun je bijvoorbeeld een voedingsbad [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://www.flickr.com/photos/arjuna/170784102/"><img class="alignright" style="margin: 10px;" title="Citroen" src="http://farm1.static.flickr.com/34/170784102_cbf0e77498.jpg" alt="" width="177" height="210" /></a>Het is altijd prettig om iets te kunnen doen voor een ander. Daar hoef je niet eens hulpverlener voor te zijn. Wanneer iemand zich, zoals nu aan het einde van de winter,  al een tijdje niet zo lekker voelt of niet goed kan opknappen van een griep of andere ziekte, kun je bijvoorbeeld een voedingsbad voor hem of haar maken. Iemand zit niet lekker in zijn vel, het kraakt in zijn voegen of hoe je het maar zeggen wil. Er is geen balans, evenwicht tussen alle organen en systemen in het lichaam. Dan is het moment aangebroken om hem in bad te stoppen. Het is niet moeilijk en je doet er een hoop goed mee. Wat is een voedingsbad en hoe gaat dat dan.<span id="more-106"></span></p>
<p>Wat heb je er voor nodig:</p>
<ol>
<li>ligbad of voor een (klein) kind een flinke teil. Vullen met water      van 37 ºC.</li>
<li>badthermometer</li>
<li>badjas of een groot badlaken</li>
<li>handdoek</li>
<li>lekker warm bed</li>
<li>schaal, mesje</li>
<li>als ingrediënten een halve liter melk, een ei, een halve      uitgeperste citroen en een eetlepel honing. Melk (kalk!) gebruik je om op      aarde te komen, het ei appelleert aan het nieuwe leven, de samentrekkende      citroen maakt je wakker en de honing geeft je de energie om je als persoon      te uiten. Zo worden alle niveaus van het mens-zijn, het aardse, het      vitale, het bewuste en het zelfbewuste element  aangesproken.</li>
</ol>
<p>Meng in een pannetje de melk met de honing en het losgeklopte ei. Druk de halve citroen in het bad met water van 37 ºC (goed controleren met de thermometer!) met de onderkant van een glas uit op de bodem. Het lukt het beste als je de halve citroen onder water even stervormig insnijdt. Voeg de inhoud van het pannetje toe aan het bad en roer het water een paar minuten goed door met een 8-vormige beweging, zodat het zich door het hele bad verspreid heeft.</p>
<p>Dan kan de “patiënt” in het bad. Het is belangrijk dat er rust om het bad is. Geen televisie kijken ondertussen of naar harde muziek luisteren. Bij kinderen werkt het goed om wat voor te lezen of wat te zingen. In elk geval moet je erbij blijven, voor het geval dat degene die in bad ligt in slaap valt.</p>
<p>Na ongeveer 10 á 15 minuten kan de patiënt uit het bad komen en ingewikkeld worden in de badjas of het badlaken. Niet afspoelen of afdrogen dus! Het met een kruik voorverwarmde bed wacht. Het is vaak zo dat de patiënt dan meteen lekker inslaapt. Het is dan ook handig om het voedingsbad voor de nacht te doen, zodat het niet nodig is om je na het bad weer aan te kleden. Mocht het niet anders kunnen, dan moet er na het bad minstens een uur gerust worden.</p>
<p>In de regel is het genoeg om dit 1x per dag gedurende 14 dagen te doen. In totaal krijgt iemand dan 7 baden. Eventueel kun je na een pauze van 14 dagen zo’n serie herhalen.</p>
<p>Nogmaals: het is niet moeilijk en je doet er je kwakkelende medemens een groot genoegen mee. En het is nog leuk ook!</p>
<p>Aart van der Stel</p>
<p><strong> </strong></p>
<p><strong> </strong></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?feed=rss2&#038;p=106</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Nieuw artikel: Naar school</title>
		<link>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=102</link>
		<comments>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=102#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 23 Feb 2010 17:34:49 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Aart</dc:creator>
				<category><![CDATA[Artikelen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=102</guid>
		<description><![CDATA[Medisch gezien valt er aan een schoolkind niet zoveel te beleven. Zo ziet het er in elk geval aan de buitenkant uit. In de psychologie wordt de schoolleeftijd de latentiefase genoemd. Dat wat er in het kind leeft en zich ontwikkeld is latent, d.w.z. speelt zich in het verborgene af. Het innerlijk leven ontwikkelt zich [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Medisch gezien valt er aan een schoolkind niet zoveel te beleven. Zo ziet het er in elk geval aan de buitenkant uit. In de psychologie wordt de schoolleeftijd de latentiefase genoemd. Dat wat er in het kind leeft en zich ontwikkeld is latent, d.w.z. speelt zich in het verborgene af. Het innerlijk leven ontwikkelt zich in het kind, maar daar is ogenschijnlijk niet veel van te merken. Wanneer ik mijn kinderen destijds vroeg hoe het op school geweest was, kreeg ik zelden meer dan “goed”of “niet goed” te horen. Voor de grap zei ik dan wel eens dat het maar goed was dat er ouderavonden waren, omdat je als ouders anders niet eens zou wéten of ze nog op school zaten! Het schoolleven, dat veelbewogen genoeg is en dat alle diepten en hoogten van het gemoedsleven kent, wordt afgeschermd van de wereld van vader en moeder. Wat het kind beweegt, is voorbehouden aan vriendjes en vriendinnetjes.<span id="more-102"></span></p>
<p>De kinderlijke fase  van 7 tot ongeveer 14, een periode die is afgegrensd door enerzijds aan het begin de tandenwisseling, de eerste afsluiting van de lichamelijke ontwikkeling, en anderzijds het begin van de seksuele uitrijping, het zich als man of vrouw openen naar de wereld, wordt gekenmerkt door die afgeslotenheid. Het kind dat eerst vooral bezig is geweest met het uitvormen van zijn lichaam, gaat zich nu een beeld vormen van de buitenwereld. Een gedeelte van de energie, dat werd gebruikt om het lichaam gestalte te geven, wordt nu gebruikt om de indrukken uit de buitenwereld om te vormen tot eigen beelden. Dat noemen we denken. Denken als activiteit verschilt dus eigenlijk niet zo heel veel van het uitvormen van organen of het produceren van eiwitten. Het is een hogere vorm van de activiteit van dat wat we ons levenlichaam noemen, het geheel van krachten, die onze vitaliteit verzorgen en die voortdurend weer opbouwen, wat in het lichaam wordt afgebroken.</p>
<p>Het schoolkind gebruikt zijn denken om de wereld om hem heen te leren kennen. Al die kennis wordt opgeslagen in het geheugen. Het geheugen kun je beschouwen als een persoonlijke neerslag van dat wat het kind aan de wereld beleefd heeft. De onpersoonlijke buitenwereld wordt omgevormd tot een persoonlijke binnenwereld. De wereld wordt niet meer, op gezag van vader of moeder, voor zoete koek geslikt, maar het kind gaat er zelf iets van vinden, heeft eigen ervaringen. In de lagere schoolperioden ontstaat zo in het kind een zelfgevoel, een objectief, waarnemend “tegenover” t.o.v. de buitenwereld, waar de ouders dan ook (helaas?) ook toe lijken te behoren. Je weet dan dus niet meer alles van je kind, het is geen open, maar een half gesloten boek geworden. Dat kun je als vader en moeder vervelend of pijnlijk vinden, maar in feite moet je er blij mee zijn, want wat is een mens zonder innerlijk?</p>
<p>Pas later, in de puberteit, komt het kind weer uit die binnenwereld tevoorschijn. Dan gaat het iets doen met dat wat het in die binnenwereld aan eigen ideeën ontwikkeld heeft. De lagere schooltijd is ervoor om die binnenwereld tot iets te maken waar het kind op vertrouwen kan, waar het zeker van kan zijn en waarvan hij ook het gevoel moet krijgen dat het goed is om een dergelijke tegenovergevoel te hebben. Het is dan ook heel belangrijk dat de juf of de meester op school dat tegenovergevoel zelf ook uitstralen en met een zekere autoriteit het kind kunnen gidsen in het ontwikkelen van die binnenwereld.</p>
<p>Er is in de fase van 7 tot 14 dus meer sprake van een psychische dan een lichamelijke ontwikkeling. Er hoeft aan het lichaam niet zoveel verbouwd te worden, en dat wordt zichtbaar in de relatieve afwezigheid van ziektes, afgezien van schrammen en andere kwetsuren. Van binnen is alles op orde; het kind kan zich hoogstens stoten aan de wereld om hem heen.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?feed=rss2&#038;p=102</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Nieuw Artikel</title>
		<link>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=96</link>
		<comments>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=96#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 20 Nov 2009 21:30:06 +0000</pubDate>
		<dc:creator>admin</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aartvanderstel.nl/wordpress/?p=96</guid>
		<description><![CDATA[Influenza en geldcrisis: twee voor de prijs van één. Crisis De wereld lijkt  momenteel te worden bedreigd door twee grote problemen: de economische crisis en de grieppandemie. Het is heel verleidelijk om eens na te denken of er een verband te vinden is tussen deze twee zaken, die de media al weken voorzien van eindeloze [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<h2><strong>Influenza en geldcrisis: twee voor de prijs van één.</strong></h2>
<p><strong>Crisis</strong></p>
<p>De wereld lijkt  momenteel te worden bedreigd door twee grote problemen: de economische crisis en de grieppandemie. Het is heel verleidelijk om eens na te denken of er een verband te vinden is tussen deze twee zaken, die de media al weken voorzien van eindeloze hoeveelheden materiaal. Je kunt de radio of de televisie niet aanzetten of er is wel weer iets te melden over hetzij de beurs, inclusief allerlei “bedrijfsnarigheid”, faillissementen of teruglopende afzetmarkten, of de bedreiging van de wereldbevolking door het nieuwe virus, dat getooid is met de mooie naam Influenza A (H1N1). Elk ander nieuws, en dat is er wel degelijk, verbleekt hierbij, of het moet gaan over heel heftige aanslagen in Irak of Afghanistan.</p>
<p><span id="more-96"></span></p>
<p><strong>Wel of niet zorgelijk</strong></p>
<p>We beginnen met het schetsen van een paradox, want een merkwaardig verschijnsel in beide gevallen is dat de meeste mensen, afgezien van professionals als economen, politici of in virologie gespecialiseerde medici,  zich er tegelijkertijd niet zo druk over lijken te maken. In weerwil van alle berichten over de verbreiding van de influenza, de ernst ervan  en de mogelijkheid dat er slachtoffers gaan vallen, zijn er heel veel mensen, die onwillekeurig moeten denken aan de Milleniumbug, de enorme paniek in de media en bij de overheid rond de eeuwwisseling, die ons hele automatiseringssysteem zou ontwrichten en daarmee onze samenleving. Zoals iedereen nog weet, gebeurde er helemaal niets! Uiteraard kun je zeggen dat dit werd veroorzaakt door alle genomen voorzorgmaatregelen, maar het algemene gevoel was en is toch, dat er heel veel herrie om niets gemaakt was. Zo’n zelfde gevoel lijkt er, zeker t.a.v. de grieppandemie, nu weer te ontstaan.</p>
<p>De ervaringen met de al geconstateerde griepgevallen, helpen niet bepaald mee, om het gevoel van urgentie op peil te houden. De Nieuwe Influenza A (H1N1), verder gewoon “de griep” te noemen,  blijkt in de meeste gevallen heel mild te verlopen, net zo als de gewone seizoensgriep. Je bent er ziek van, met de bekende verschijnselen als koorts, keelpijn, hoesten, spierpijn en wat dies meer zij, maar het is binnen een week weer over en het heeft in de regel geen akelige gevolgen. Inderdaad zijn er in Nederland tot nu toe een aantal mensen aan overleden en het gaat niet aan om dat te bagatelliseren, maar we moeten ons wel bedenken dat dit altijd gebeurt in periodes waarin de griep actief is. En we moeten ons ook bedenken dat de mensen die overleden zijn, allemaal al ernstig ziek waren en dat de griep ze niet meer dan een zetje gegeven heeft, dat hun einde bespoedigd heeft. Niet voor niets heette de longontsteking, een bekende complicatie van de griep, vroeger “the old man’s friend” , de vriend van oude mensen, die met behulp van de griep het moeizaam geworden bestaan konden verlaten. Nogmaals: dat mensen overlijden is altijd verdrietig, maar, in relatie tot de griep, moet het wel in perspectief gezien worden. Tot nu toe moet je constateren dat de griep een bijkomende factor is geweest in het ziekteproces en niet de oorzaak van hun sterven.</p>
<p>Wat ook niet helpt om mensen een “feeling of urgence” bij te brengen is de verdenking bij veel mensen dat alle aandacht die de overheid en het bedrijfsleven aan de grieppandemie besteden louter is ingegeven door economische motieven. Er worden mogelijk, maar dat is dus helemaal niet zeker, veel mensen tegelijk ziek. Dat is heel lastig voor bedrijven en zorginstellingen. Het is schadelijk voor de economie. Zij zijn daarom allemaal hard bezig geweest om plannen te maken voor het moment dat veel van hun werknemers ziek in bed liggen. Die continuïteitsplannen beschrijven alle voorzorgmaatregelen die een bedrijf heeft genomen om dat hoge ziekteverzuim op te vangen. Zorginstellingen, zoals ziekenhuizen, bejaardenoorden of instellingen voor mensen met een verstandelijke beperking, worden door de overheid verplicht om die plannen ter inzage aan het ministerie ter inzage te geven, en de bezorgdheid van de Inspectie voor de Volksgezondheid gaat zo ver, dat instellingen ook allerlei vragenlijsten moeten invullen over hun continuïteitsplannen, gebeld worden door enquêteurs van de inspectie etc. Het gevoel dat bij veel mensen ontstaat is dat het er bijna op lijkt dat het de overheid er veel aan gelegen is om de schrik er goed in te brengen, en dat achter de angst voor de verschrikkelijke gevolgen van de griep zich de bezorgdheid rond de economische gevolgen van de griepgolf verbergt. En in tijden dat het economisch niet goed gaat, is dat overigens een begrijpelijke overweging!</p>
<p>Daar komt nog bij dat veel mensen, en ook zij die in de zorgt werken, om allerlei redenen niet bij voorbaat bereid zijn om zich te laten vaccineren. Boze tongen beweren dat er van alles aan de hand is met het vaccin, dat het nog onvoldoende getest is, dat de erin aanwezige hulpstoffen, benodigd om het vaccin goed te laten aanslaan, meer schade zouden kunnen berokkenen dan dat ze een positief effect hebben, dat er financiële banden zijn tussen vooraanstaande, veel geciteerde virologen en de producerende industrie etc. Wat er van waar is doet er hier niet toe. De druk die de inspectie uitoefent op zorginstellingen om zich heel goed voor te bereden en de moeite die de overheid doet om de bevolking warm te maken voor te verwachten problemen en te nemen voorzorgsmaatregelen komt er wel door in een vreemd daglicht te staan.</p>
<p>Hetzelfde gebrek aan paniekgevoel bestaat er overigens ook t.a.v. de economische crisis. Of dat terecht is kan ik niet beoordelen; hier kan alleen maar geconstateerd worden dat de meeste mensen, voor zover ze hun baan nog hebben of hun pensioenfonds niet failliet is, eigenlijk gewoon doorleven. Er wordt wat minder uitgegeven, en dat is juist wat er  niet zou moeten gebeuren, maar dat is het dan wel zo ongeveer. Hiermee wil niet gezegd worden dat er niet de behoefte is aan ingrijpende maatregelen en dat we ervoor moeten waken dat we de komende generaties opzadelen met een enorme schuldenlast, maar we merken het (nog) niet. Net zo goed hebben we het ook niet gemerkt dat er in de wereld van het grote geld hele vreemde dingen gebeurd zijn en staan we nog aan het begin van een doeltreffende analyse van de oorzaken van de geldcrisis. De grote vraag is bijvoorbeeld wat mensen bezig houdt bij het vergaren van enorme kapitalen, daar waar ze soms al zoveel geld hebben, dat ze dat in meerdere generaties niet op kunnen maken! Hoe kan het dat het bonusstelsel, door velen aangemerkt als een belangrijke factor bij het tot stand komen van de geldcrisis, gewoon doorgaat, crisis of niet, en dat de grote spelers überhaupt geen maatregels willen nemen? Hoe ziet de binnenkant van de “graaicultuur” eruit? Wat speelt er zich af in de ziel van een bankier of een bestuurder van een grote onderneming, wanneer hij, ook om aandeelhouders, die al even hebzuchtig zijn, tevreden te stellen, risico’s neemt, waarvan elk weldenkend mens zó kan zien, dat het niet deugt. Wat is hebzucht überhaupt, waar komt het vandaan, hoe uit het zich in ons mens zijn en is er in dat opzicht een parallel te trekken tussen de grieppandemie en de geldcrisis. Laten we eerst eens kijken naar het fenomeen virus.</p>
<p><strong>Virus</strong></p>
<p>Het woord Influenza komt uit het Italiaans. In het Latijn, de grootmoeder van het moderne Italiaans,  komt het woord “influo” voor, waarschijnlijk een voorloper van het moderne Influenza. Het betekent zoveel; als (heimelijk) binnendringen, beïnvloeden, insluipen. Het Engelse “influence”, invloed, is hier ook weer een afgeleide van. Dat zegt al wel wat over het wezen van een virus. Bij een infectie met  is er iets stiekem bij ons binnengedrongen, en we merken het te laat op, getuige het feit dat we er ziek van worden.</p>
<p>Een virus is een microscopisch klein wezen, dat, in tegenstelling tot een bacterie, tot het dierenrijk gerekend kan worden. Er is iets eigenaardigs met virus aan de hand: ze hebben geen eigen stofwisseling, en kunnen zich dus ook niet uit zichzelf delen en vermeerderen.  Daartoe moeten ze een cel binnendringen, bijvoorbeeld tot onze slijmvliezen behorend, en die, door het DNA in de kern van die cel gedeeltelijk te vervangen door  het meegebrachte DNA, zo veranderen dat deze virus gaan produceren i.p.v. zijn normale functies te berichten. Een virus, in feite een pakketje informatie, een hoofd vol kennis, maakt zich meester van een buik, inclusief alle stofwisselingsorganen en wendt die ten eigen bate aan. Overdrachtelijk gezien zou je kunnen zeggen dat hij zijn kennis gebruikt om een ander wezen voor zijn eigen profijt te manipuleren. Het virus gaat voorbij aan wat er echt nodig is, n.l. aan dat wat de cel normaal doet en wat zijn normale bijdrage is aan ons lichamelijk welbevinden. De binnengedrongen levercel kan mindere goed als levercel werken wanneer het nieuwe virussen moet produceren. Een gevolg van een minder goed functionerende lever is de moeheid, een kenmerkend verschijnsel bij griep.</p>
<p>Een virus, als pakketje genetische informatie c.q. kennis, gedraagt zich als een uiterst egoïstisch, op het eigen belang gericht wezen. Het algemeen belang, het gezonde voortbestaan van het hele organisme is niet zijn probleem. Het op zichzelf gericht zijn is overigens een kenmerk van onze zintuigen, die de hele dag niets anders doen dan informatie uit de buitenwereld opzuigen. Voor de zintuigen , en in het verlengde daarvan de hersenen en het hele zenuwstelsel is dat normaal en voor het lichaam profijtelijk. Het zenuwstelsel wordt ook wel eens een parasiet genoemd, gegeven het feit dat er relatief enorme hoeveelheden suiker, zuurstof en andere stoffen gebruikt worden om ons aan ons bewustzijn te helpen, maar dat daar fysiek gezien weinig opbouwends tegenover staat. Dat komt echter omdat er in het lichaam een voortdurend heen en weer gaand proces is tussen de bewuste kant, die informatie opneemt en er bewustzijn uit opbouwt, en de opbouwende kant, die er voor zorgt dat de vitaliteit van het lichaam op peil blijft. Dat de bewustzijnsorganen niet ongebreideld de vitaliteit van het lichaam consumeren en/of dat de stofwisselingsorganen niet even ongebreideld produceren en ons tot een enorme bal protoplasma misvormen is de activiteit van een vermogen in ons, dat er voor zorgt dat er tussen deze tegengestelde krachten in ons, een evenwicht is, in stand houdt en, daar waar dat verloren dreigt te gaan, weer opbouwt. Het gezonde lichaam kan gezien worden als een evenwichtig geheel, waarin tegengestelde krachten werken.</p>
<p>Van gezondheid is echter geen sprake als een virus zich van ons meester maakt. Een “vreemd hoofd” gaat gebruik maken van ons vermogen om op te bouwen en allerlei nuttige stoffen te produceren. En het resultaat van de activiteiten van dat vreemde hoofd, heeft ook niets te maken met ons welzijn, want wat moeten wij met zoveel virus in ons lichaam, behalve er ziek van worden. Dat ziek worden, en later het opbouwen van weerstand is overigens wel het werk van het hele lichaam, waarnemend en denkend in het ontdekken en leren kennen van het virus en stofwisselend annex opbouwend in het produceren van antistoffen. De weerstand, die het onmogelijk maakt voor hetzelfde virus om zijn parasitaire activiteiten nog eens te herhalen, is daarmee de lichamelijke uiting van gegroeid lichamelijk zelfbewustzijn.</p>
<p><strong>De geïnfecteerde economie</strong></p>
<p>Niet voor niets werd hierboven het functioneren van een virus beschreven als egoïstisch. Uiteraard is het niet zo dat een virus beschikt over een aantoonbaar  zielenleven. Het ging er uitsluitend om dat er een gebaar waarneembaar is in het doen en laten van een virus, dat we in de wereld van de mensen als egoïstisch en op het eigen belang gericht zouden omschrijven. Een virus gedraagt zich zoals veel Europese grootmachten in vorige eeuwen, die zich meester maakten van grote delen van Afrika of Azië, en die als koloniën ten eigen bate aanwendden, meestal zonder veel oog voor de belangen van de oorspronkelijke bewoners.</p>
<p>Zonder iets te willen aantonen is het interessant om de huidige geldcrisis te vergelijken met het hierboven geschetste gedrag van een virus. Hoe ziet het ontstaan van de geldcrisis er voor de gemiddelde leek uit?</p>
<p>Voor zover ik het kan overzien is alle ellende begonnen met het feit dat banken er (heel veel) brood in zagen om mensen op te zadelen met hypotheken, die ze eigenlijk niet konden betalen. Dat banken, of liever gezegd: de bankiers en hun gevolg, dit deden, heeft te maken met het bonusprincipe. Hoe meer hypotheken je verkoopt, hoe meer bonus je krijgt bovenop je salaris. Het gaat er dan niet om dat je een evenwichtig product aan de klant levert, en bijvoorbeeld een hypotheek verkoopt die een klant aan kan en waarbij hij of zij ook nog geld overhoudt om van te leven, maar uitsluitend oog hebt voor je eigenbelang. Breder getrokken, want er gebeurde veel meer naast het verstrekken van foute hypotheken, kwam het er op neer, dat de banken- en misschien wel iedereen die daartoe in de gelegenheid was, want het gebeurde ook in andere bedrijven waar forse bonussen werden uitgekeerd- de economie, het uitwisselen van goederen en daarmee de slagader van de samenleving, uitsluitend ten eigen bate ging manipuleren. Kennis van de menselijke natuur, inclusief de hebzucht, werd aangewend om zichzelf te verrijken: iedereen wil in een mooi huis wonen of in een grote SUW rijden en is bereid om daar een te groot offer voor te brengen. Nog maar onlangs heeft de overheid ingegrepen in de reclames voor het lenen van geld. Wie wil er nu niet als gelukkig gezin in een nieuwe, met een lening gefinancierde auto, naar het strand of je hele huis laten veranderen in een paleis met hulp van een geldschieter.</p>
<p>Allerwegen wordt in elk geval het systeem van bonussen gezien als een belangrijke drijfveer om onaanvaardbare risico’s te nemen t.a.v. het belang van de klanten van de bank of de medewerkers van een bedrijf. De korte termijn vierde hoogtij. Het is heel erg onwaarschijnlijk dat niemand van al die intelligente bankiers en bestuurleden van grote bedrijven, ooit heeft stilgestaan bij de mogelijke effecten van het oververhitten van de economie en het opjagen van de consumptie. Het is dus eigenlijk puur cynisme, dat zij er gewoon mee zijn doorgegaan, met uitsluitend oog voor de eigen bankrekening en geen compassie met de mensen, die op het punt stonden gedupeerd te worden.</p>
<p><strong>Teveel hoofd en te weinig bewustzijn</strong>.</p>
<p>In beide gevallen, bij een virusinfectie en bij het ontstaan van een geldcrisis, is er sprake van een eenzijdigheid in het functioneren van een organisme, of dat nu het menselijk of het sociale organisme is. Bij het virus wordt kennis, verpakt in het pakketje DNA, dat het totaal van het virus uitmaakt, gebruikt om het gezonde organisme zo te manipuleren dat er nog alleen maar virus geproduceerd wordt, en bij de geldcrisis wordt slim bankieren of zakendoen gebruikt om de economie zo te manipuleren of veranderen, dat het heel snel veel geld oplevert.  Eigenlijk zij dit twee dezelfde processen, die een organisme beschadigen. Maar zijn het zieke processen? Een virus is op zich een heel gezond wezen. Maar wat maakt dat het virus ons ziek maakt of dat de hebzucht van bankiers de samenleving ontwricht? Laten we eens goed kijken naar het functioneren van ons lichaam. Een prominent deel daarvan is het hoofd.</p>
<p>Goed beschouwd kun je zeggen dat ons hoofd , als centrum van ons zenuwstelsel en de zintuigen, niets anders doet dan de wereld naar zich toehalen. Via de zintuigen eigent het zenuwstelsel zich voortdurend indrukken toe uit de buitenwereld als voedsel voor het denken. Wij denken over de wereld na en ontwikkelen zo ons bewustzijn. Het hoofd maakt dus een  op zichzelf gericht, “egoïstisch” gebaar. We beleven dat niet zo, maar het a.h.w. inademende gebaar van het zenuw-zintuigstelsel kan als heel inhalig bekeken worden. <em></em></p>
<p>Kijken we daarentegen naar het gebaar van de stofwisseling en de spieren, dan zien een compleet tegenovergesteld gebaar. De stofwisselingsorganen produceren doorlopend substanties zoals eiwitten, koolhydraten of vetten, warmte en de mogelijkheid tot bewegen, die worden afgestaan aan de omgeving, binnen het lichaam, maar ook naar buiten toe. In de stofwisseling en ons spierstelsel heerst, in tegenstelling tot het hoofd, een wegschenkend, “altruïstisch” gebaar.</p>
<p>In het lichamelijk en psychisch functioneren heerst zo een tegenstelling tussen het egoïstische van het bewustzijn, op basis van de activiteit van hersenen, zintuigen en zenuwstelsel en het altruïstische van het energie en lichaamssubstantie producerende stofwisselingssysteem. Het interessantste is echter dat we daar niets van merken. Niemand ervaart zichzelf als uit twee compartimenten bestaand.  We ervaren onszelf als een eenheid, een in de regel gezond, evenwichtig wezen. Behalve die twee tegengestelde orgaansystemen is er kennelijk ook iets in ons lichaam dat deze twee polen met elkaar verbindt en harmoniseert. En hoe beter dat lukt, hoe gezonder we zijn. Het is hieruit direct duidelijk dat gezondheid niet een vaststaand feit is, maar een dynamisch principe, dat ontstaat en vergaat. Een uiting van dat harmoniserende vermogen is ons zelfbewustzijn, het gevoel dat we er zijn en dat wij als een persoon in de wereld kunnen staan. Een mens is het beste in staat om zichzelf te laten zien, wanneer hij zich lekker in zijn vel voelt, zichzelf als gezond en evenwichtig ervaart. Kort gezegd worden we bewuste wezens doordat we onze zintuigen en hersens gebruiken om te denken en zelfbewuste wezens wanneer we denken en doen op elkaar kunnen laten aansluiten.</p>
<p>Dat zelfbewustzijn uit zich lichamelijk in het fenomeen “weerstand”, het vermogen om onderscheid te maken tussen wat tot het eigen lichaam behoort, “ik” is, en dat wat er niet in thuis hoort, wat je als “niet-ik” zou kunnen benoemen. En die weerstand, als uiting van het baas in eigen huis zijn op basis van het weten wat wel en niet gezond is, hebben we nodig om het virus buiten de deur te werken en te houden. Dat virus kan alleen in ons lichaam zichzelf ontplooien wanneer er geen tegenwicht geboden wordt, wat betekent dat we al ziek zijn, uit het evenwicht zijn, voordat het virus bij ons binnendringt. De gelegenheid maakt de dief! Er moet in het lichaam een bepaalde onevenwichtige situatie voorhanden zijn, waar het virus zich thuis voelt en zijn gang kan gaan. We worden niet ziek van een virusinfectie, maar het virus maakt zichtbaar dat we ongezond zijn. Zoals de koorts of de spierpijn is het voorkomen van het virus in ons lichaam een symptoom en geen oorzaak.</p>
<p><strong>Griep en geldcrisis: twee voor de prijs van één.</strong></p>
<p>Wat is er nu aan de hand in onze tijd. Wat is de parallel tussen de geldcrisis en de grieppandemie. Het lijkt er op dat zowel in het lichaam als in de samenleving geen gezond middengebied functioneert. Lichamelijk is de weerstand van misschien wel de hele wereldbevolking zo aangetast dat zich daar massaal een virus meester van kan maken. Maatschappelijk is er onvoldoende mogelijkheid om ervan bewustzijn van wat (veel) geld met mensen doet en dat de korte termijn hebzucht van een paar relatief gezien een paar mensen het hele sociale organisme kan ontwrichten. Wen misschien is het zo dat we allemaal wel een beetje denken en doen zoals die topbankiers en dat we allemaal een beetje in de ban zijn van het grotere of kleinere geld. Dat zou betekenen dat onze weerstand niet gedaald is t.a.v. het virus, maar dat ons omgaan met de wereld om ons heen, ook in de zin van de manier waarop we omgaan met het milieu en de natuurlijke grondstoffen, ons in een psychisch- lichamelijke toestand heeft gebracht, waarvan de verhoogde gevoeligheid voor het Mexicaanse Influenza-virus én de geldcrisis symptomen zijn. Niet het virus of ineenstortende banken vormen met elkaar de ziekte, maar onze, steeds meer op het materiele gerichte zielenhouding! Niet het virus behoeft behandeling, maar de gastheer zelf, wij dus.</p>
<p>De problemen kunnen pas fundamenteel worden aangepakt, als er bewustzijn ontstaat bij elk lid van de samenleving rond dat wat gezondmakend in de samenleving kan werken. Als wij als individuen én als hele samenleving niet een enorme ommezwaai in ons denken maken van “wat kan ik krijgen ( activiteit van het waarnemende hoofd) en waar heb ik recht op” naar “wat heb ik echt nodig (inclusief het schenkende gebaar van de stofwisseling) ” dan stevenen we na deze crisis in één rechte lijn af op de volgende. In dit verband zou ik willen wijzen op de zeer uitgebreide en uitgewerkte gedachten die Rudolf Steiner in het begin van de vorige eeuw heeft ontwikkeld t.a.v. het functioneren van de samenleving. Zijn zogenaamde “driegeleding van het sociale organisme” beschrijft heel precies de drie grote gebieden in de samenleving alsmede de wetmatigheden waaraan zij moeten voldoen om in harmonie met en naast elkaar te kunnen bestaan. Het voert te ver in dit bestek om daar diep op in te gaan, maar het is zeker de moeite waard om zijn gedachtes, die vrij onopgemerkt gebleven zijn, weer te actualiseren.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aartvanderstel.nl/wordpress/?feed=rss2&#038;p=96</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

